Teruggave van boetes en straffen

Voor een vertragingsboete kan de aannemer een kwijtschelding krijgen.

Wanneer kan een gehele of gedeeltelijke kwijtschelding?

  • Geheel of gedeeltelijk
    Als de aannemer kan bewijzen dat de vertraging geheel of deels aan de aanbestedende overheid of aan onvoorzienbare omstandigheden te wijten was. Die feiten moeten zich wel voorgedaan hebben tijdens de contractuele uitvoeringstermijn.
  • Gedeeltelijk
    Als er een wanverhouding is tussen het boetebedrag en het uitgevoerde bedrag tijdens de vertragingsperiode. Er is officieel een wanverhouding als het volume van de in vertraging uitgevoerde werken geen 5% bedraagt van het totale bedrag (inclusief verrekeningen dus). Dit kan alleen als de aannemer alles gedaan heeft om de vertraging te beperken.
  • Bij een straf
    De aannemer kan ook op basis van diezelfde regels een kwijtschelding vragen als er tijdens de uitvoering een straf opgelegd geweest is (art. 51).

Termijn om een kwijtschelding te vragen

De schriftelijke aanvraag tot kwijtschelding moet bij de aanbestedende overheid toekomen ten laatste 90 dagen na de dag dat het eindsaldo betaald werd. Het eindsaldo is het bedrag dat op het formulier VO2 staat.

De aanbestedende overheid neemt via de aangeduide motivatie een beslissing, eventueel na advies van haar ontwerpers, en meldt dit zo snel mogelijk aan de aannemer.

Gebeurt dit niet binnen deze termijn, kan de kwijtschelding vervallen.