Rentevoet

De debetrentevoet op uw Vlaamse Woonlening hangt af van:

  • de marktrente (De VMSW berekent maandelijks de referentierentevoet in functie van de evolutie van een lineaire obligatie met een resterende looptijd van 20 jaar.)
  • uw inkomen en gezinstoestand
  • de ligging van de woning

Hoe lager uw inkomen en hoe groter uw gezin, hoe voordeliger de rentevoet.

U kunt uw rentevoet en terugbetaling zelf berekenen via de Wooncalculator. Hiervoor heeft u uw recentste aanslagbiljet nodig en moet u weten in welke buurt de grond en/of woning ligt, waarvoor u wilt lenen. 

Op het tarievenblad (pdf - 261 kB) vindt u een overzicht van de tarieven.

Voor een precieze berekening contacteert u een sociale huisvestingsmaatschappij in uw buurt die de Vlaamse Woonlening verstrekt. Zoek de contactgegevens van een kantoor in uw buurt

Berekening van uw oorspronkelijke jaarlijkse debetrentevoet

De rentevoet die u krijgt als u een lening aangaat, is uw debetrentevoet. Deze wordt zo berekend:

  • De referentierentevoet wordt vermenigvuldigd met het inkomen.
  • Dit product wordt gedeeld door het referentieinkomen (dit is een indexatie van een bedrag van 40.000 euro, in 2019 is dit 43.443 euro).
  • Het resultaat wordt verminderd met 10% per persoon ten laste.
  • Het resultaat wordt verminderd met 5% als de woning in cluster 1 ligt en met 10% als de woning in cluster 2 ligt.

In de tussenstappen van de berekening gelden een aantal afrondingsregels:

  • afronding naar het dichtst bijliggende vierde decimaal na berekening op de eerste regel
  • de 10% en 5% van de referentierentevoet op de tweede en derde regel worden afgerond naar de dichtst bijliggende tweede decimaal
  • het resultaat na de tweede en derde regel wordt afgerond naar het eerst hogere 0,10 procentpunt
  • Uw rentevoet kan nooit hoger zijn dan 4/3 van de referentierentevoet of lager dan 2/3 van de geldende referentierentevoet.
  • Uw rentevoet is minimaal 2% (dit is het absolute minimum).

Beschikbare producten

De lening wordt toegekend vanuit de Vlaamse bevoegdheid over sociale huisvesting. De VMSW biedt geen gamma van producten aan zoals commerciële kredietgevers. U kunt dus niet kiezen uit bijvoorbeeld een 1/1/1 of een 5/5/5. De VMSW biedt geen variabele rentevoeten aan.

De Vlaamse Woonlening (of ‘sociale lening’) kent wel zogenaamde ‘renteherzieningen’. Deze hebben volgende specifieke structuur:

  1. De lening krijgt bij de start een debetrentevoet die minimaal 2% bedraagt en maximaal vier derden van een "referentierentevoet". Die referentierentevoet wordt maandelijks afgeleid van het rendement van staatobligaties en staat in de leningsakte. Op de maximale rentevoet berekenen we dan een sociale korting volgens het inkomen en de gezinstoestand van de ontlener en van de ligging van de woning. De maximale rentevoet (= 4/3 x referentierentevoet) is dus het vaste tarief van uw lening, waarop we dan een sociale korting toepassen om zo te komen tot de reële debetrentevoet van uw lening.
  2. De VMSW herberekent de sociale korting om de 5 jaar. De ‘herziening’ van de rentevoet is feitelijk deze herberekening van de korting.
  3. Als de referentierentevoet 1,50% of minder bedraagt, heeft de lening altijd een vaste debetrentevoet van 2% zonder dat nog korting mogelijk is. Er zijn dan ook geen herzieningen

Huidige rentevoet

Momenteel bedraagt de rentevoet 2% vast.